Route 1

Route 1  Nieuwveen / Papenveer naar Alphen aan den Rijn


Haltes

1. Nieuwveen

2. Papenveer

3. Zevenhoven

4. Nieuwkoop

5. Zuideindsche weg

6. Aarlanderveen

7. Gouwsluis

8. Alphen aan den Rijn 

Point of interest (poi) om over te stemmen


1.1 Nieuwveense dorpsontwikkeling

Plaats: Nieuwveen

Adres: Dorpsstraat

Kenmerken: Archeologische vondsten

 

Achtergrond: De eerste bewoners van het gebied bouwden hun huizen op uit natuurlijke materialen, zoals hout, riet en leem. Archeologische resten uit Nieuwveen geven inzicht in hoe het dorp eruit heeft gezien in de vroege Middeleeuwen. Een landschap dat op zo'n twee meter onder maaiveld op sommige plekken nog steeds terug te vinden is.

 

1.2. Zevenhovensche en nieuwkoopsche plassen bedreigen het omringende landschap

Plaats: Nieuwveen

Adres: Rondom de dorpskern

Kenmerken: Droogmakerij

 

Achtergrond: Het uitvenen van de Nieuwkoopsche en Zevenhovensche polder had enorme wateroppervlakten tot stand gebracht. De stormen veroorzaakten golven met afslag van land tot gevolg. De angst voor het doorbreken van de laastste stukken land tussen Haarlemmermeer en deze plassen was groot. Na vele mislukte pogingen kon aan het einde van de 18eeeuw gestart worden met de realisatie van de Nieuwkoopse droogmakerij. Vanwege het algemeen belang van deze droogmakerij werd deze door regering van de Hollandse overheid en respectievelijk de Bataafse Republiek geïnitieerd en gefinancierd. Vanaf 1805 begon het land droog te vallen. Tussen 1809 en 1813 vonden de eerste publieke veilingen van de grond in de droogmakerij plaats. Het waren de rijke stedelingen die de grond kochten als investering en boerderijen stichten om te verpachten.

 

2.1 Tuinbonen en conserven

Plaats: Ter Aar / Papenveer

Adres: Schilkerweg, Oostkanaalweg en Hoekse Aarkade

Kenmerken: Stationsgebouw en veilinggebouw

 

Achtergrond: Vanaf de 16de eeuw was er sprake van tuinbouw in en om Ter Aar. In eerste instantie was dit alleen bedoeld voor eigen gebruik of binnen het eigen dorp. Vanaf de laatste kwart van de 19de eeuw was de tuinbouw uitgegroeid tot een volwaardige sector en was het naast het agrarisch grondgebruik de grootste gebruiker van de gronden in Ter Aar. De groenten werden met schippers verplaatst naar de Groenmarkt in Amsterdam. De aandacht lag vooral rond erwten, peulen, bonen en wat augurken De tuinders verenigden zich aan het einde van de 19de eeuw in tuindersverenigingen met een eigen veilinggebouw. Na een dieptepunt in de jaren 30 trok de tuinderij na WOII weer aan. Met bouw van een nieuw veilinggebouw in Papenveer tot gevolg. Vanaf de jaren ’70 viel het doek voor de groententeelt en bleef slechts een klein aantal telers over.

 

3.1. Schoot, het verdronken dorp

Plaats: Tussen Nieuwveen en Zevenhoven in de polder

Adres: Ter hoogte van de Zevenhovenseweg

Kenmerken: Geheel verdwenen in de diepten van de Zevenhovensche plas.

 

Achtergronden: Het buurtschap schoot lag in de Grote Poel een meer dat door het uitbaggeren van veen in het landschap was ontstaan. De grote schaal waarop dit gebeurde bedreigde elke vorm leven in het gebied. De mensen waren arm die in het buurtschap woonden. Het veen leverde hen aan het einde van de 17deen het begin van de 18eeeuw nog slechts een schamel inkomen op en geld voor het beschermen van hun eigendommen, door het maken van beschoeiing was er niet. Iedere storm opnieuw zagen ze delen van de akkers achter hun huizen verdwijnen. Maar het was anders geweest. Aanvankelijk waren de inkomsten uit dit energielandschap hoog. De vraag naar turf vanuit de steden en de daar gelegen industrie was enorm en de belastingen op dit gebied waren dan ook hoog. Vanuit Nedersaksen en Westfalen kwamen arbeidsimmigranten om te helpen met uitbaggeren en zo geld te verdienen in deze regionen. Maar het ontstaan van Grote Poel door deze werkzaamheden verdreef ook degene die hadden verdiend aan het uitbaggeren van het veen. Alleen de armsten bleven over en zij gingen door met uitvenen tot het dorp geheel verdween. Uiteindelijk werden zelfs de huiserven uitgeveend. Het gevolg was dat Schoot rond 1722 geheel van de kaart verdween, verzwolgen door de Grote Poel, ver voordat de Grote Poel werd drooggemaakt.

 

4.1. Vergeten beroepen in oud landschap

Plaats: Rondom Nieuwkoopse Plassen

Adres: -

Kenmerken: -

 

Achtergrond: De grote plassen die ontstonden door het uitvenen van het landschap brachten nieuwe beroepen met zich mee. De nieuwe natuurlijke vegetatie in deze gebieden waren zinvolle grondstoffen voor producten. De dorpen rondom de plassen werden dan ook volop bewoond door riet- en ruigtsnijders, mosplukkers, broodjagers en vissers. Hun producten werden weer gekocht en bruikt in de aangrenzende gebieden. Zo was er bijvoorbeeld een nauwe relatie tussen de mosplukkers en de boskoopse telers. Vergeten ambachten vertellen veel over het gebied waarin de ambachten voorkomen en geven inzicht in haar bewoners.

 

4.2. Een rem op de droogmakerijen

Plaats: Nieuwkoop

Adres:-

Kenmerken: Uitgeveende plassen met restanten van legakkers.

 

Achtergrond: Door grootschalig vervenen rondom Nieuwkoop vanaf de 16eeuw ontstonden ook de Nieuwkoopse Plassen. Omdat deze door de veranderende inzichten van de tijd niet zijn drooggemaakt, is hier het landschap van de vervening nog steeds goed te zien. Er zijn hier verschillende vormen van turfwinning gebruikt. Men begon boven aan het land, maar al snel kwam met onder het grondwaterpeil terecht, waardoor het baggeren van veen moeilijker werd. Daarvoor werden verschillende gereedschappen uitgevonden, zoals de baggerbeugel. Later ging men weer over op het slagturven, het op grote diepte uitvenen van de bodem. Het historische gebied is goed afleesbaar gebleven en vertelt het verhaal van de energiewinning in het gebied. Tot in het begin van de 2oste eeuw zijn er nog veenplassen drooggemaakt, maar de visie op het droogmaken veranderde in de 20steeeuw. Hierdoor is het laatste deel van de het landschap leesbaar gebleven.

 

4.3. Orde in de chaos van Nieuwkoop

Plaats: Nieuwkoop

Adres: Regthuysplein

Kenmerken: Toren

 

Achtergrond: In de kern van Nieuwkoop staat een restant van het adellijke Hooge Huys van Nieuwkoop. De hoge toren werd gebouwd door Johan de Bruyn van Buytenwech, die in 1617 op 26-jarige leeftijd de Hooge Heerlijkheid Nieuwkoop kocht. Hoewel Johan uit een voorname Leidse familie kwam was het niet mogelijk een bestuurlijke functie te krijgen. De reden hiervoor lag in de keuzes die zijn vader tijdens de 80-jarige Oorlog had gemaakt: Hij besloot trouw te blijven aan zijn katholieke geloof. Hiermee verloor hij het recht op een bestuurlijke functie en verspeelde hij die kans ook voor zijn zoons. Hij voerde een krachtig beleid over zijn bestuurlijke eigendom. Het was chaos in Nieuwkoop en de plaats stond bekend als gevaarlijk. Vooral met de turfstekers had Johan het nog wel eens aan de stok.

 

5.1. Smederijen

Plaats: Nieuwkoop

Adres: Zuideinde

Kenmerken: Oude smederijen en museum

 

Achtergrond: Aan het Zuideinde lagen tegen het begin van de 20steeeuw 44 smederijen. Deze nijverheid maakte in de 18den 19deeeuw een enorme bloeiperiode door. De vraag naar messen, uitrustingen voor de visserij en andere landbouw- en veenwerktuigen was enorm. Veel van de vraag kwam vanuit Amsterdam, maar ook lokaal was er behoefte aan ijzeren gereedschappen, hekwerken en huishoudelijke producten.

 

6.1 Badkuiplandschap – Leestekens van het landschap

Plaats: Aarlanderveen

Adres: Hoek Zuideinde/ Achttienkavels en Dorpsstraat Aarlanderveen

Kenmerken: Diepe weilanden en hooggelegen wegen en dorpslinten

 

Achtergrond: Het verhaal van het vervenen is op de dag van vandaag nog steeds goed leesbaar in het landschap. Nergens anders dan hier in het gebied Nieuwkoop en Aarlanderveen. Het heeft letterlijk diepe littekens in het landschap achtergelaten. De oorspronkelijke bebouwing en wegen lagen op de hoger gelegen stevige gronden, die door het opwerpen van dijken en oude rivierovers waren ontstaan. Deze oorspronkelijke vestigingsplaatsen liggen nu al hoge ruggen in het landschap, die op zo’n min anderhalve meter NAP liggen. De weilanden liggen daarentegen als snel 3 meter dieper.

 

7.1 Kerkepaden en -vaarten

Plaats: Aarlanderveen

Adres: Kerkevaartsweg

Kenmerken: Gedeeltelijk (noord) een weg langs een vaart, gedeeltelijk een pad door weilanden.

 

Achtergrond: In vroeger tijden moest men lopen, te paard (en wagen) of per boot naar school, dorp of kerk. Niet ieder dorp was gezegend met een eigen geloofsgemeenschap en godshuis. Daarvoor werden door het landschap kerkepaden aangelegd, zodat de kerkgangers naar omliggende kerk konden om diensten bij te wonen. Het Kerkepad van Aarlanderveen gaat vanaf de rooms katholieke kerk richting Kortsteekterweg. Waarschijnlijk werd dit pad gevolgd vanaf de agrarische linten richting Aarlanderveen. Binnen het gebeid zijn vele van dit soort kerkenpaden te vinden.

 

7.2. Droogmaken en de werking van molens

Plaats: Aarlanderveen

Adres: Kerkvaartsweg en Achtermiddenweg

Kenmerken: Vier windmolens onderling verbonden door molengangen.

 

Achtergrond: De diepe meren werden drooggemaakt, maar daarvoor was extra hulp nodig. Dat kwam van windmolens. Bij het droogmaken van de polder in 1785 werden drie molens neergezet: een boven-, midden- en ondermolen. Samen verplaatsten ze het water naar de hoger gelegen weteringen, waarna het water uit de polder verdween en het land langzaamaan droog viel. In 1804 werd hier een extra molen geplaatst. De meeste molengangen in Nederland zijn gesloopt en vervangen door een of meerdere stoom- en later dieselmotoren. Hoe dat dat met de werking? Welke molen deed wat? En waarom konden meerdere molens vervangen worden een machine?

 

7.3 Afgekleide oevers en dakpannen

Plaats: Alphen aan den Rijn

Adres: Percelen achter de Steekterweg

Kenmerken: Onzichtbaar door de egale afgravingen.

 

Achtergrond: De Oude Rijn voerde eeuwen slib en sedimenten aan, die op de oevers neerdaalden. De kleilagen die hierdoor gevoerd werden, waren van groot belang voor de productie van dakpannen en baksteen. Deze industrie bevond zich vooral in Alphen aan de Rijn zelf langs het water. De percelen achter het bebouwingslint van de Steekterweg werden afgeticheld, zoals dat heet, om de klei af te graven. Door de egale afgravingen is het niet duidelijk zichtbaar in het landschap. Maar vergunningen geven inzicht in een aantal plekken waar de afgravingen hebben plaatsgevonden. 

 

8.1 De Oude Rijn als grens

Plaats: Alphen aan den Rijn

Adres: Oevers van de Oude Rijn

Kenmerken: Archeologische resten langs de oevers van de Oude Rijn.

 

Achtergrond: Aan de zuidzijde van de Oude Rijn, Limes ofwel de noordelijke grens van het Romeinse rijk, lag het castellum Albanianae. Dit castellum werd rond 41 na Chr. gesticht door keizer Caligula. Langs de grens langs ook een limesweg, een jaagpad langs het water, waarover de troepen trokken. Goede wegen waren nodig, want Nederland was op dat onoverzichtelijk, vol bossen en moerassen. Maar naast het leger maakten ook kooplui gebruik van de wegen. Verschillende bijzondere vondsten uit de Romeinse periode laten goed zien hoe het dagelijkse leven in elkaar zat en hoe het landschap rondom Alphen aan den Rijn eruit moet hebben gezien.



poi 2.1 Station Papenveer

poi 3.1. Kaart van de uitgeveende polders rondom Nieuwveen en nieuwkoop. In het hart het verdronken dorp Schoot (afbeelding Erfgoed Leiden en omgeving)

poi 4.1. Rietsnijder aan het werk, eind 19e eeuw (bron: rijksmuseum)

poi 5.1 Smederijen aan de Zuideindscheweg (bron: Rijksmuseum)

poi 6.1. Badkuiplandschap ter plaatse van de grens tussen gemeente Alphen aan den Rijn en Nieuwkoop

poi 7.2. Molenviergang Aarlanderveen

poi 8.1. De aankomst van Caligula, stichter van Castellum Albanianae, in Nederland (bron: rijksmuseum)

Colofon | Ontwerp, realisatie en fotografie: Linda Driesen - van der Male.Verder staan er op deze site afbeeldingen uit het gemeentearchief Den Haag en Voorschoten |  Disclaimer